wereld resulteerde in verschillende dodelijke gevallen. Eén van de bekendste slachtoffers is de wielrenner Tom Simpson. Hij stierf op de flanken van de Mont Ventoux in 1967 door een combinatie van uitputting, alcohol en am- fetamine. Datzelfde jaar nog creëerde het Internationaal Olympisch Comité (IOC) een Medische Commissie die de eerste antidopingreglementering op papier zette en die ook de eerste officiële lijst van verboden producten opstelde. De substanties in deze lijst waren uitsluitend stimulantia. lantia grote interesse vanuit de farmaceutische industrie. Men had ontdekt dat stimulantia eetlustremmend werkten en dus gebruikt konden worden voor de behandeling van de zwaarlijvigheid, een miljoenenbusiness. Er werden tien- tallen amfetaminederivaten ontwikkeld. Ondanks hun eet- lustremmende werking bleven deze derivaten hun versla- vende en paranoia-inducerende eigenschappen behouden. Om deze redenen is in België de aflevering als specialiteit en in magistrale bereiding verboden van de anorexigenen amfepramon, clobenzorex, fenbutrazaat, fendimetrazine, fenproponex, fentermine, mazindol, mefenorex, norpseudo- efedrine en propylhexedrine (4). De enige plaats waar ze nog te verkrijgen zijn, is in het illegale (doping)circuit. stimulantia erin geslaagd een vaste waarde te worden in de geneeskunde. Enkele voorbeelden zijn modafinil ge- bruikt bij narcolepsie, methylfenidaat bij de behandeling van attention deficit hyperactivity disorder (ADHD), bupropion (synoniem amfebutamon) voor de behandeling van depressies en bij rookstop en pseudo-efedrine, dat gebruikt wordt voor de behandeling van rinitis en sinusitis. worden beantwoord. Meestal heeft het te maken met pres- tatiebevorderende middelen, maar het kan ook gaan om maskerende middelen die de detectie van doping bemoei- lijken of verhinderen. Een product wordt niet alleen vanuit ethisch standpunt gecatalogeerd als doping maar ook om de gezondheid van de atleet te vrijwaren. Er is geen uniek criterium om een substantie te beschouwen als stimule- rend. Er zijn wel enkele regels die het Wereldantidoping- agentschap (WADA) hanteert om een component als pres- tatiebevorderend te classificeren. Het woord stimulans verwijst naar stoffen die het centraal zenuwstelsel stimu- leren en een waarneembaar effect hebben op de werking van de hersenen en zich uitten in een euforische staat, een verlaagde ervaring van vermoeidheid en een toename in motorische activiteit. observaties, aangezien in het midden van de vorige eeuw de periode waarin de meeste stimulantia ontwikkeld werden slechts beperkte farmacologische modellen ter beschikking waren om klinische waarnemingen te gaan linken met de receptorinteracties. De combinatie van de criteria is voornamelijk nodig om differentiatie met andere dopingklassen mogelijk te maken. Bijvoorbeeld: cortico- steroïden in hogere dosissen kunnen ook resulteren in een euforische staat. Bepaalde beta-2-agonisten kunnen tot een verhoogde motorische activiteit leiden. Tegenwoordig zijn voor de meeste stimulantia de farmacologische wer- king uitgeklaard, in het bijzonder voor de stimulantia in de verboden lijst zijn er uitgebreide overzichtsartikelen ver- schenen (5-7). |