background image
OrthO-rheumatO | VOL 10 | Nr 6 | 2012
44
soorten garrots
Er bestaan verschillende soorten garrots. Wanneer men in
een situatie van eerste hulp een arteriële bloeding onder
controle wil krijgen, kan men een zelfgemaakte garrot aan-
leggen (Figuur 1). Men kan deze garrot creëren door een
stuk stof, riem of iets dergelijks rond het lidmaat te wikke-
len en hierop een tak of een ander stevig voorwerp te be-
vestigen en de tak rond te draaien tot de bloeding ophoudt.
Een garrot mag niet aangebracht worden ter hoogte van
een gewricht of op een penetrerend voorwerp. Men mag
niet vergeten om het tijdstip waarop de garrot werd aange-
legd te noteren (4).
- De esmarchtourniquet is zoals eerder vermeld een
platte rubberen band die een aantal keren rond het
lidmaat wordt gewikkeld. Dit soort tourniquets wordt
bijna niet meer gebruikt, aangezien ze een hogere in-
cidentie van postoperatieve paralyse, zenuwletsels en
andere wekedelenletsels met zich meebrengen (3, 5).
- De pneumatische garrot wordt het meest courant ge-
bruikt. Deze tourniquet bestaat uit één enkele cuff die
wordt opgeblazen en waarvan men de druk kan moni-
toren en regelen.
- De tourniquet met dubbele cuff bestaat uit twee cuffs
die men onafhankelijk van elkaar kan opblazen. Deze
tourniquet wordt voornamelijk gebruikt voor anesthe-
sie bedoeld voor het bovenste lidmaat (voor een zoge-
naamd Bier's block) (6).
- De tourniquets met moderne cuff zijn uitgerust met
digitale controle- en regulatiesystemen.
- De tourniquets van de nieuwste soort zijn pneuma-
tische systemen waarvan de druk wordt gemonitord
synchroon met de systolische bloeddruk (7).
praKtIsChe toepassIng
apparaat
De machine dient preoperatief en tijdens de operatie op
geregelde tijdstippen nagekeken te worden om een goede
werkstatus te verzekeren. Maandelijkse controles worden
aangeraden om een veilige functie en een accurate kalibre-
ring te verzekeren (8).
applICatIe (onderste lIdmaat)
De tourniquet wordt ter hoogte van de dij aangebracht. Op
deze plaats is er wegens de belangrijke spiermassa minder
risico voor neuropraxie door compressie.
Na het aanbrengen van de tourniquet moet de inflatie zeer
snel verlopen om te vermijden dat de oppervlakkige venen
terug vullen vóór de arteriële occlusie.
aanBevelIngen
Aanbevelingen voor de bescherming van het lidmaat bij
gebruik van een tourniquet (9, 10).
1. Selecteer de breedste cuff die geschikt is voor die speci-
fieke lokalisatie ter hoogte van het lidmaat en de heel-
kundige procedure. Gebruik indien mogelijk een cuff
met contouren die overeenkomen met de proportie van
het lidmaat op die plaats.
2. Maak gebruik van een beschermende mouw die speci-
fiek bij de geselecteerde cuff hoort. Is dergelijke mouw
niet beschikbaar, breng dan twee lagen van een buis-
vormige stockinette (kousverband) of een elastisch
tubulair verband aan, zo afgemeten dat het verband
volledig uitgerekt is na het aanbrengen op het lidmaat,
zodat de compressie uitgeoefend op het lidmaat min-
der is dan de veneuze druk (~20mmHg) en minder dan
de druk van een nauwsluitende cuff.
3. Breng de tourniquetcuff nauwsluitend aan over de be-
schermingsmouw ter hoogte van het lidmaat.
4. Meet de lidmaatocclusiedruk (LOP, limb occlusion
pressure) van de patiënt en stel de druk van de tour-
niquet in op de LOP plus een veiligheidsmarge van
40, 60, of 80mmHg (voor respectievelijk een LOP van
minder dan 130, 131-190, en groter dan 190mmHg) bij
een normotensieve patiënt met een normaal lidmaat.
5. Exsanguineer het lidmaat door middel van een elas-
tische band, beginnend aan de voet of door elevatie
(meer veneuze stuwing).
6. Blaas de tourniquetcuff op en verwijder dan de elas-
tische band. Monitor de tourniquet gedurende het ge-
bruik ervan, zoals aangeraden door de producent.
7. Indien peroperatief toch opgemerkt wordt dat er arte riële
bloedflow is, verhoog dan zonodig de tourniquetdruk
met intervallen van 25mmHg tot bevredigend resultaat.
8. Minimaliseer de tijd van de applicatie van de tourniquet.
9. Verwijder onmiddellijk na het aflaten van de spanning
de cuff en de beschermingsmouw van het lidmaat.
figuur 1: garrot bij eerste hulp.
1
3
2
4