background image
OrthO-rheumatO | VOL 10 | Nr 6 | 2012
59
tofaCItInIB onderdruKt struCturele
geWrIChtssChade In artrItIs
De JAK-inhibitor tofacitinib onderdrukt osteoclast-gemedieerde structurele schade in artritisgewrichten, zo blijkt
uit een studie in Arthritis & Rheumatism. Op 6 november jongstleden zette de FDA het licht op groen voor het
gebruik van tofacitinib bij volwassenen met therapieresistente reumatoïde artritis.
Het mechanisme tussen januskinase (JAK)-signalisatie-
wegen en structurele schade in door reumatoïde artritis
aangetaste gewrichten is nog niet goed bekend. Timothy
Labranche en collega's zetten een studie op om de impact
te evalueren van een behandeling met tofacitinib op de
osteoclast-gemedieerde botresorptie. Voorts wilden ze een
beter zicht krijgen op de onderliggende immunologische
werkingsmechanismen van dit effect. In de eerste plaats
bestudeerden ze het effect van perorale JAK-blokkering op
de osteoclast-gemedieerde botresorptie in een rattenmodel
met adjuvant-geïnduceerde artritis. Voorts keken ze na hoe
deze selectieve blokkering bij de mens een invloed heeft op
de productie van RANKL door T-lymfocyten, alsook op de
differentiatie en functie van humane osteoclasten.
De onderzoekers stelden vast dat gewrichtszwellingen, in-
flammatie en osteoclast-gemedieerde botresorptie in rat-
ten met geïnduceerde artritis opvallend waren afgenomen
na 7 dagen behandeling met de JAK-inhibitor. Tofacitinib
had geen impact op de differentiatie of functie van hu-
mane osteoclasten, maar zorgde voor een concentratie-
afhankelijke afname van de RANKL-productie door humane
T-lymfocyten.
Volgens de auteurs suggereren deze resultaten dat de JAK-
inhibitor tofacitinib de osteoclast-gemedieerde structurele
schade aan een artritisgewricht onderdrukt, en dat dit
effect secundair is aan een afgenomen RANKL-productie.
Op basis van de veelbelovende resultaten met tofacitinib
zette de Food and Drug Administration in de VS op 6 no-
vember het licht op groen om deze medicatie te gebruiken
voor volwassenen met matige tot ernstige reumatoïde ar-
tritis die niet goed reageren op standaardtherapie op basis
van methotrexaat, of deze middelen niet goed verdragen.
loci net onder deze drempel. Het sterkste verband vonden
ze op chromosoom 3. Andere significante loci werden ge-
vonden op chromosoom 9, 6 en 12. Eén van de signalen
in de buurt van genoombrede significantie bevond zich
op het FTO-gen, dat een rol speelt in de regeling van het
lichaamsgewicht, een belangrijke risicofactor voor osteo-
artrose.
De auteurs besluiten dat deze studie meer inzicht brengt in
de onderliggende genetica van artrose en in mechanismen
die veelbelovend kunnen zijn in de zoektocht naar nieuwe
therapieën.
arcogen Consortium. identification of new susceptibility loci for osteoarthritis (arcogen): a
genome-wide association study. lancet 2012;380:815-23.
labranche TP, jesson mi, radi Za, et al. jak inhibition with tofacitinib suppresses arthritic joint
structural damage through decreased rankl production. arthritis rheum 2012;64:3531-42.
Ortho-Rheumato ook op internet
www.ortho-rheumato.be